informatieboekje

Ë Rekenen:

De rekenmethode die we gebruiken op onze school heet “Alles Telt”en wordt door groep 3 t/m 8 gebruikt

We beginnen in groep 4 met rekenboek 4A waarin blok 1 t/m 3 wordt behandeld, hier hoort werkschrift 4A bij. Blok 4 t/ m 6 staat in werkboek 4B en werkschrift 4B.We gebruiken ook een geel rekenschriftje voor hoofdrekenen en leerkrachtgebonden lessen en een blauw schriftje voor de zelfstandig werklessen. Voor de VERDER-sommen hebben de kinderen  een apart werkboekje waarin ze werken als ze klaar zijn met de dagelijkse rekenstof.  

Het rekenen tot de honderd, het klokkijken (analoog en digitaal) het rekenen met geld en meten  zijn in groep 4 belangrijke onderdelen van het rekenen. Om de drie weken worden de resultaten getoetst. Verder moeten de kinderen de tafels van 1 t/m 5 en van 10 kennen. Er wordt in de klas o.a. geoefend op de computer en evt. op losse werkbladen. Als de kinderen de tafels beheersen, krijgen ze hun (kleine) tafeldiploma. Het zou fijn zijn als u ook thuis met de kinderen aan de slag gaat om de tafels onder de knie te krijgen. Ze krijgen hiervoor t.z.t. aparte werkbladen mee.

In januari en in juni maken de kinderen een Cito-toets rekenen.

 

( Taal:

Onze taalmethode heet “Taal Actief”. De methode bestaat uit 16 hoofdstukken met steeds een ander thema. Alle oefeningen hebben met dat thema te maken. We behandelen steeds in 2 weken een hoofdstuk.

In de tweede week is er op woensdag een taaltoets waarbij de kinderen moeten laten zien of ze de verschillende onderdelen van de afgelopen 2 weken begrepen hebben. Aan de hand van deze toets volgt er herhaling of verrijking.

 

! Spelling:

Het spellingprogramma hoort ook bij de methode “Taal Actief”. Ook hier wordt er in periodes van 2 weken gewerkt. Op maandag krijgen de kinderen woordpakket a aangeboden. Op dinsdag oefenen ze deze woorden in een werkboekje. Op woensdag krijgen ze woordpakket b en op donderdag oefenen ze die woorden in het werkboekje. Op vrijdag wordt er een signaaldictee van 20 woorden afgenomen. N.a.v. dit dictee krijgen de kinderen die het nodig hebben, extra werk om de verschillende woorden nog eens te oefenen. Op dinsdag volgt er dan een controledictee. Dit bestaat uit 5 zinnen en 20 woorden. Voor dit dictee krijgen de kinderen een punt. 

 

 

Na 4 woordpakketten volgt er een parkeerweek. In die week komen alle woorden van de 4 voorgaande pakketten nog een keer aan bod.

In februari en in juni maken de kinderen een Cito-toets spelling.

 

& Technisch lezen:

De methode die we hiervoor gebruiken heet "Estafette". Bij deze methode werkt elk kind op zijn of haar eigen leesniveau. De groep wordt verdeeld in leesgroepjes. Bij de verdeling van de kinderen over deze groepjes wordt gelet op het leesniveau en de mate van zelfstandigheid. Sommige kinderen werken (bijna) geheel zelfstandig, andere kinderen worden (bijna) constant begeleid. De methode bestaat uit leesboekjes, werkboekjes, leeskaarten en werkbladen. Er is voldoende materiaal voor elk AVI-niveau.

Naast de lessen technisch lezen krijgen de kinderen regelmatig tijd voor vrij lezen. Verder  is het erg belangrijk dat de kinderen ook thuis veel oefenen met (hardop) lezen.

In oktober, januari en in juni wordt bij de kinderen het AVI-niveau getoetst. Ook wordt dan de DMT-toets (drie minuten toets) afgenomen. Op deze manier wordt de leesontwikkeling van de kinderen goed gevolgd.

 

& Begrijpend lezen:

Voor begrijpend en studerend lezen gebruiken we de methode “Goed gelezen!”. In deze methode leren de kinderen aan de hand van verschillende strategieën allerlei soorten teksten te begrijpen. Elke week is er een boekles en een bakles. Bij de boeklessen wordt er veel klassikaal en in tweetallen gewerkt. Bij de baklessen werken de kinderen zelfstandig aan leeskaarten. Die leeskaarten zijn verdeeld in drie verschillende niveaus. Na vijf weken maken de kinderen een toets in een speciaal boekje dat bij de methode hoort. Aan de hand van de toetsresultaten wordt voor elk kind bepaald aan welke leeskaarten hij of zij tijdens de baklessen moet werken.

In januari en juni maken de kinderen verschillende Cito-toetsen voor begrijpend lezen.

 

 

!Schrijven :

Voor het schrijven gebruiken we de methode “De Schrijfsleutel”. De kinderen  werken in 2 schrijfschriften. Ook wordt er geoefend in een schrift zonder lijntjes. In het eerste schrijfschrift worden de hoofdletters aangeleerd. In het tweede schrijfschrift staat een andere liniëring. Vanaf het begin van het schooljaar werken de kinderen in het schrijfschrift met vulpen.

 

~ Kennisgebieden:.

Een keer in de week hebben de kinderen schooltelevisie. Ze kijken dan naar het programma “Huisje, Boompje, Beestje”. Dit programma geeft invulling aan de onderdelen "Mens en samenleving" en "Natuur en Techniek". Bij iedere uitzending hoort een werkblad wat de kinderen na afloop maken.

 

ŽVerkeer:

Voor de verkeerslessen gebruiken we de methode “Wijzer door het verkeer”. In groep 4 schenken we aandacht aan: veilig oversteken, veilig spelen en veilig fietsen. Er wordt gewerkt met een lesboek en een werkboekje. De lessen uit de methode worden af en toe in de praktijk geoefend.

 

§ Catechese:

Catecheseonderwijs wordt gegeven aan de hand van projecten en bijbelverhalen. Deze projecten gaan over het omgaan van mensen met elkaar en de problemen die daar soms bij ontstaan. Verder sluiten ze aan bij de verschillende christelijke feestdagen, zoals advent, Kerst en Pasen.

 

? Zelfstandig werken:

De kinderen van groep 4 werken drie keer in de week aan een taakbrief. Alle kinderen krijgen een blad waarop verschillende werkjes staan. Vaak zijn dat opdrachten van spelling, taal, rekenen en lezen. Ook worden er opdrachten op de computer gedaan.

De kinderen kiezen steeds een werkje dat ze zelfstandig gaan maken.

Als ze een taak klaar hebben, geven ze dat aan op hun taakbrief.

 

Op dat blad geven ze ook aan of ze de taak leuk of niet leuk vonden. Verder geven ze aan of het werkje moeilijk of juist gemakkelijk was.

Op het blad staan ook extra werkjes die de kinderen kunnen gaan doen als ze alle taken af hebben.

Tijdens het werken aan de taakbrief wordt er gebruik gemaakt van een “stoplicht”. Als het stoplicht op groen staat, is er ruimte voor overleg met zowel de leerkracht als met klasgenootjes. Wanneer het stoplicht op rood staat  mogen de kinderen niets aan de juf vragen.

Op momenten dat er aan de taakbrief gewerkt wordt, is er tijd en ruimte om kinderen die dat nodig hebben extra begeleiding voor een bepaald vak te geven.

 

 

 

 

¯Creatief:

Eén keer in de week op donderdagmiddag krijgen de kinderen muziekles. Deze les wordt gegeven door de muziekleerkracht Henk Velema. Verder hebben de kinderen handvaardigheid (groep 4a op donderdagmiddag, groep 4b op maandagmiddag) en tekenen (groep 4a en 4b op dinsdagmiddag).

Ook volgen de kinderen technieklessen, met behulp van de techniektorens, hiervoor zullen we zeker uw hulp nodig hebben.

 

†Gymlessen:

De kinderen hebben 2x in de week gymles: op maandagochtend en op donderdagochtend (groep 4a), op dinsdagochtend en donderdagmiddag (groep 4b). Deze lessen worden gegeven door de eigen leerkracht en een stagiaire van de Fontys Hoge School. Op deze dagen moeten de kinderen hun gymspullen mee naar school nemen. Voor de kledingvoorschriften verwijs ik u naar de schoolgids.

 

OSociaal emotionele ontwikkeling:

Aan het begin van het schooljaar worden er door de kinderen regels opgesteld, die belangrijk zijn voor de omgang met elkaar.

Ook maken we gebruik van Klas- en teambouwers, waardoor kinderen ervaren dat iedereen verschillend is. Hierdoor leren de kinderen met deze verschillen om te gaan en elkaar te respecteren..

 

J Leerlingenzorg:

Op onze school werken we met een leerlingvolgsysteem. D.w.z. dat we de ontwikkeling van de leerlingen nauwlettend in de gaten proberen te houden. Dit doen we door de kinderen verschillende Cito-toetsen en methodegebonden toetsen te laten maken. Verder vullen de kinderen minimaal één keer per jaar een sociogram in. Daaruit valt af te leiden hoe de sociale verhoudingen binnen de groep liggen. Ook wordt er elk jaar door de leerkrachten een volgkaart voor de sociaal-emotionele ontwikkeling ingevuld. Daarnaast wordt de groep twee keer per jaar uitgebreid doorgesproken met de interne coördinator leerlingenzorg.

Dit noemen we het klassenrondje.

Kinderen die extra aandacht nodig hebben, bijvoorbeeld omdat ze niet goed mee kunnen, omdat ze juist ver vooruit zijn of omdat ze op sociaal-emotioneel gebied vastlopen, kunnen extra hulp krijgen.

Een uitgebreide beschrijving van de leerlingenzorg vindt u in de schoolgids.

 

H Huiswerk:

In groep 4 krijgen de kinderen af en toe huiswerk mee. Dit gebeurt enkel en alleen als uit toetsresultaten blijkt dat een kind op bepaalde onderdelen wat extra oefening nodig heeft. Dit huiswerk is dus niet structureel. Als blijkt dat het kind het onderdeel voldoende beheerst, dan stopt het huiswerk. Wel is het erg belangrijk dat de kinderen thuis veel lezen.

 

 

 

Terug